AWBZ LEZING | ASSEN

Lezing AWBZ, Wilt u goed geïnformeerd worden over: de sinds 1 januari 2013 geldende regels over de eigen bijdrage in de ABWZ, hoe u erfbelasting (successiebelasting) kunt besparen bij overlijden of het maken van een zogeheten “levenstestament” Assen & Smilde

erfrecht en erfbelasting

home » erfrecht en erfbelasting

HET (WETTELIJKE) ERFRECHT EN DE AWBZ

Bij overlijden van een van de echtgenoten met achterlating van een of meer kinderen is – als er geen testament is gemaakt – de wettelijke verdeling van toepassing. De langstlevende echtgenoot krijgt dan de erfenis volledig in eigendom. Het erfdeel van de kinderen wordt van rechtswege omgezet in een vordering in geld. De kinderen krijgen dit geld niet direct in handen. Dit bedrag is pas opeisbaar bij overlijden van de langstlevende ouder dan wel bij zijn/haar faillissement. Opname in een zorginstelling is geen wettelijke opeisbaarheidsgrond.

Hebt u nog geen testament? Zou het dan niet wat zijn dat u in uw langstlevende testament bepaalt – en daarmee dus afwijkt van de wet – dat de kinderen hun vordering eerder ‘kunnen’ opeisen? Bijvoorbeeld indien de langstlevende echtgenoot bij het opeisbaar zijn van de kindsdelen, als gevolg van een (zorg)regeling waarbij zijn/haar eigen vermogen in aanmerking wordt genomen, eventueel een lagere eigen bijdrage verschuldigd is. Dit kan tot gevolg hebben dat het vermogen in Box 3 van de langstlevende lager wordt en dus ook de eigen bijdrage lager wordt.

Als er geen testament is en de langstlevende regeling uit de wet van toepassing is, dan heeft de langstlevende de wettelijke bevoegdheid om de kinderen hun kindsdeel uit te betalen. Doordat de langstlevende dan simpel gezegd minder spaargeld op de bank heeft staan, zorgt de uitbetaling er ook voor dat de eigen bijdrage lager wordt. Hoe minder vermogen iemand in Box 3 heeft, hoe lager de eigen bijdrage. Maar het verschil met de situatie dat er wel een langstlevende testament is met goed geformuleerde opeisingsgronden, zit 'm er in dat in dat geval de langstlevende niet echt hoeft uit te betalen. Het is voldoende dat de kinderen hun kindsdeel kunnen opeisen. Is de wettelijke langstlevende regeling van toepassing omdat de ouder die als eerste overleed pas na 1 januari 2003 is gestorven, dan moet de langstlevende aan de kinderen hun kindsdeel daadwerkelijk uitbetalen. Pas daardoor wordt het vermogen in Box 3 ook echt lager en wordt de eigen bijdrage dus ook minder. Dit kan een probleem zijn als het Box 3-vermogen niet 'contant' op de spaarrekening staat, maar in de stenen van het eigen huis vast zit op het moment dat de langstlevende wordt opgenomen. Er kan dan niet uitbetaald worden door de langstlevende. Onder andere voor dit sleutelen aan de wettelijke verdeling is een testament nodig. Hebt u al een testament, dan is de vraag: Is dit wel up-to-date?

Het erfrecht en de erfbelasting
Wanneer iemand komt te overlijden en er is een erfenis in de vorm van geld of andere bezittingen als een huis en auto, dan blijft dit vermogen nooit helemaal in de familie. De belastingdienst wil namelijk een bepaald percentage van wat wordt nagelaten ontvangen in de vorm van erfbelasting of zoals dat vroeger heette: ‘successierechten’.

Wat is erfbelasting?
De erfbelasting is een belasting die je moet betalen wanneer je een erfenis ontvangt. Hoe hoog het percentage is dat je moet afdragen is afhankelijk van de hoogte van het bedrag en de relatie die je hebt tot de overledene. Bovendien zijn bepaalde bedragen vrijgesteld. De percentages (en vrijstellingen) kunnen per jaar veranderen en zijn ingedeeld in verschillende schijven, net als bij de inkomstenbelasting. Er geldt: hoe hoger het bedrag van de ontvangen erfenis, des te hoger is ook het percentage dat moet worden afgedragen aan de Belastingdienst. Het verzoek tot het doen van aangifte voor de erfbelasting en de veelal daarmee gepaard gaande aanslag valt veel mensen nogal rauw op hun dak.

Er zijn echter manieren om op deze – door velen als onrechtvaardig ervaren – erfbelasting te besparen of de heffing van erfbelasting uit te stellen. Hierbij kunnen varianten van langstlevende testamenten met flexibele renteclausules, tweetrapsmakingen, afvullegaten en ik/opa-clausules een (grote) rol spelen. Ook het maken of opheffen van huwelijksvoorwaarden en het doen van schenkingen, al dan niet op papier, kunnen een besparing van erfbelasting teweegbrengen. En als u nu in een zorginstelling terecht komt omdat u niet meer in staat bent om voor u zelf te zorgen en om uw wil te bepalen, zou het dan ook niet praktisch zijn dat in een ‘levenstestament’ uw schenkingswens is vastgelegd. Ook het ontbreken van een schenkingstraditie hoeft dan geen belemmering te zijn. Onder andere hiervoor is de toegevoegde waarde van een levenstestament evident.

Notariaat Engelen | Linthorst Homanweg 3 | 9422 EC | Smilde | Tel. 0592 412636 | info@notariaatengelen.nl